U heeft vanzelfsprekend recht op loon in ruil voor uw verrichte werkzaamheden. Loopt uw loon achter of is het te laat betaald? Dan heeft u recht op het openstaande bedrag en mogelijk ook op een wettelijke verhoging. Let wel op de verjaringstermijn. Dat en nog meer: het wordt besproken in deze blog geschreven door de arbeidsrechtjuristen van Mpiece Legal.
De werkgever moet op tijd betalen
Uw werkgever is verplicht het loon op de afgesproken dag te betalen. Gebeurt dat niet of te laat, dan is het bedrag opeisbaar. Bewaar daarom uw loonstroken, de arbeidsovereenkomst, de cao, uw urenregistratie en eerdere correspondentie. Bij een geschil moet u kunnen aantonen welke loontermijnen nog openstaan. Starten met uw werkgever een loonvordering toesturen is in ieder geval een goed idee.
Verjaring: vijf jaar per loontermijn
Een loonvordering verjaart in beginsel vijf jaar nadat de vordering opeisbaar is geworden. Belangrijk: iedere maandelijkse loontermijn heeft in beginsel een eigen verjaringstermijn. Wacht dus niet te lang met actie. Wilt u de verjaring stoppen, dan moet u de werkgever een duidelijke, ondubbelzinnige schriftelijke verklaring sturen waarin u aanspraak op betaling behoudt. Dat heet een stuitingsverklaring. Na een geldige stuiting begint in beginsel een nieuwe termijn van vijf jaar. Let op: de vijfjaarstermijn geldt voor loonvorderingen; andere arbeidsrechtelijke aanspraken kunnen kortere vervaltermijnen hebben.
Wettelijke verhoging bij te late betaling
Als het loon niet uiterlijk op de derde werkdag na de normale betaaldag is betaald en de vertraging aan de werkgever is toe te rekenen, ontstaat recht op een wettelijke verhoging. Die bedraagt 5% per dag voor de vierde tot en met de achtste werkdag en daarna 1% per volgende werkdag, met een maximum van 50% van het verschuldigde loon. De verhoging is geen gegarandeerd eindbedrag: de rechter kan haar matigen tot een billijk bedrag. Is de vertraging niet aan de werkgever toe te rekenen, dan is geen verhoging verschuldigd. De werknemer moet de verhoging doorgaans zelf vorderen.
Wat kunt u in de praktijk doen?
Stel uw werkgever eerst schriftelijk in gebreke en vraag om een specificatie van het openstaande loon. Betaalt de werkgever niet, dan kunt u een loonvordering bij de kantonrechter instellen. Bij betalingsonmacht van de werkgever kan UWV onder strikte voorwaarden een uitkering wegens betalingsonmacht verstrekken, waaronder maximaal 13 weken achterstallig loon en loon over de opzegtermijn tot maximaal 6 weken na de opzegdatum. Bewaar daarnaast alle loonstroken en correspondentie, zodat u uw vordering kunt onderbouwen.
Veelgestelde vragen
Hoelang kan ik mijn loon nog opeisen? In beginsel vijf jaar na het opeisbaar worden, per afzonderlijke loontermijn.
Wat is een stuitingsverklaring? Een duidelijke, ondubbelzinnige schriftelijke verklaring waarin u aangeeft dat u aanspraak houdt op betaling. Daarmee stopt u de verjaring.
Hoe hoog is de wettelijke verhoging? 5% per werkdag op dag 4 tot en met 8 en daarna 1% per werkdag, met een maximum van 50%. De rechter kan matigen.
Moet ik de verhoging zelf vorderen? Ja, doorgaans moet u de wettelijke verhoging zelf vorderen.
Uw loonvordering instellen, aanvechten of beoordelen:
Wordt uw loon niet of te laat betaald, of wilt u als werkgever uw loonadministratie op orde brengen? Mpiece Legal helpt werknemers en werkgevers met arbeidsrecht. Neem contact met onze arbeidsrechtjuristen op via ons contactformulier, mail legal@mpiece.com of bel +31 85 060 4036.